Slide background

De vrijheid van werken

Hieronder verstaan we vrijheid in werktempo en werkkeuze. We spreken echter altijd van vrijheid in gebondenheid. Vrijheid betekent niet dat alles zomaar mag en kan, de vrijheid van de één mag nooit ten koste gaan van de vrijheid van de ander.

De kinderen kiezen zo veel mogelijk zelf hun werk. De leerkracht begeleidt dit en draagt er zorg voor dat kinderen spelen en werken om zich zodoende steeds verder te ontwikkelen. Hij geeft zo nodig nieuwe lesjes om het kind verder te helpen.

Naast het individuele werk zijn er ook groepslesjes en allerlei groepsactiviteiten. De verwerking van deze lessen kan dan weer individueel of in groepjes gebeuren.

Het wettelijk vereiste leerstofpakket (de zogenaamde eindtermen) is hetzelfde als dat van andere basisscholen en het is de bedoeling dat de kinderen aan het eind van de bovenbouw minstens die leerstof beheersen. Voor elk kind zal de weg door de leerstof echter anders zijn. Ook de hoeveelheid extra leerstof die een kind doorloopt, kan dus verschillen. Voor kinderen die snel leren is het heerlijk om nooit te hoeven wachten tot de rest van de klas klaar is.

Voor kinderen die wat meer moeite met de leerstof hebben, is het fijn om door de juiste keuze van het werk toch steeds succeservaringen te hebben en niet het gevoel te hebben niet mee te kunnen.

Vanaf de onderbouw hebben kinderen een ‘aftekenboekje’, waarin een belangrijk deel van de leerstof staat aangegeven. Ze kunnen hierin zelf bijhouden wat ze hebben gedaan. Dit wordt eerst onder begeleiding ingeoefend, zodat ze het later zelfstandig kunnen. De kinderen leren een evenwichtige keuze te maken en hun werk in te delen. De leerkracht bewaakt de voortgang en zorgt ervoor dat er geen hiaten ontstaan. Hij treedt vooral stimulerend en ondersteunend op.

We stimuleren de kinderen hun eigen verantwoording te nemen, zowel voor hun gedrag als voor hun werk.Dit betekent dat we de kinderen zelf leren beseffen wat ze wel en niet weten en dat ze vragen leren stellen en hulp vragen wanneer