Slide background

De leerkracht

‘Help mij het zelf te doen’ is een zeer bekende uitspraak van Maria Montessori. De basishouding van de leerkracht in het montessorionderwijs is erop gericht de kinderen te leren het zelf te doen. Hoewel kinderen leren door zelfwerkzaamheid is de betekenis van de rol van de leerkracht niet te onderschatten. Op het moment dat de ontwikkeling van een kind stokt, om wat voor reden dan ook, zal de leerkracht meer sturend optreden. Hiervoor zijn speciale vaardigheden en training een vereiste. Al onze leerkrachten zijn of worden opgeleid tot bevoegde montessorileerkrachten.

De leerkracht regelt de dagelijkse gang van zaken in de groep, zoals het op gang helpen van de kinderen met het werk, het maken van observaties, het noteren van de activiteiten van de kinderen en het aanbieden van het materiaal. De leerkracht zorgt ervoor dat het leren onbelemmerd kan plaatsvinden. Hij heeft een professionele, afwachtende houding en kan door middel van observatie bepalen of hij inwijdt of ingrijpt. Wanneer een kind laat zien dat het interesse heeft voor het materiaal, betekent dit vaak dat het kind aan de leerstof toe is. De leerkracht geeft het kind een lesje (inwijden) waarin hij laat zien hoe met het materiaal gewerkt wordt. Het kind kan daarna zelfstandig doorwerken. De vrijheid in de keuze van het materiaal kan in meer of mindere mate gestuurd worden door de leerkracht. Een kind leert op deze wijze een verantwoorde werkindeling te maken. Zo kunnen er in de groep individuele lesjes, groepslesjes en algemene lessen voor de gehele groep gegeven worden.

Daarnaast signaleert de leerkracht ook zaken die het kind laat zien. Bepaalde opvallende signaleringen worden genoteerd in het Montessori Kind Volg Systeem (MKVS). Vanuit die signalering volgt een beslissing die betrekking heeft op het handelen van de leerkracht. Hij kan beslissen te wachten om te zien of de ontwikkeling toch nog gaat plaatsvinden. Hij kan gaan observeren om nog nauwkeuriger zaken waar te nemen. Diagnosticeren, zodat er nader onderzoek wordt gedaan – iets wat de signalering meer inhoud geeft. Hij kan een lesje geven om de ontwikkeling verder op gang te brengen, evalueren wat er allemaal al is gedaan en registreren om het beheersingsniveau weer te geven.